Rube Foster: The Father of Black Baseball

Door

Honderd jaar geleden kwamen acht zwarte clubeigenaren in Kansas City bijeen om de oprichting van een nationale competitie voor zwarte honkballers op te richten. Het initiatief hiervoor kwam van Andrew ‘Rube’ Foster. Hij droomde al jaren van een eigen competitie voor en door zwarte honkballers en eigenaren. Foster zou als eerste voorzitter van de nieuwe bond fungeren.

RUBE FOSTER, DE PITCHER

Na een moeizaam begin van zijn honkbalcarrière vestigde Foster op 23-jarige leeftijd definitief zijn naam als talentvolle pitcher. Hij kwam op dat moment uit voor een semiprofessionele ploeg uit Otsego, Michigan. Opvallend genoeg had hij in die tijd zowel zwarte als witte teamgenoten, iets wat in de Major League nog decennia ondenkbaar zou zijn.

Hij dwong met zijn sterke optredens in het semiprofessionele circuit een overstap naar de professionele Cuban X-Giants af. Bij die club groeide hij al snel uit tot de ace. In 1905, zijn derde seizoen bij de X-Giants, zou hij zelfs 51 overwinningen op zijn naam hebben gebracht. Volledig te verifiëren is dit echter niet, zoals veel van de verhalen rond zwarte honkballers uit die tijd. Een andere mythe over Fosters talent zegt dat hij de legendarische pitcher Christy Mathewson zijn screwball had geleerd.

RUBE FOSTER, DE MANAGER

Al op 28-jarige leeftijd ging Foster zijn pitchertaken combineren met die van manager. Hij deed dat voor de Leland Giants uit Chicago. In zijn eerste seizoen als player-manager won hij 110 wedstrijden en uiteindelijk ook het stadskampioenschap. Zijn relatie met de eigenaar van de Leland Giants, zakenman en naamgever van de club Frank Leland, brouilleerde na dat succesvolle seizoen en Foster besloot zijn eigen team op te richten. Zijn Chicago American Giants herbergde naast Foster ook sterren als John Henry Lloyd en Home Run Johnson.

Foster zou zijn team ‘de meeste getalenteerde honkbalploeg aller tijden’ hebben genoemd. De resultaten waren er in ieder geval wel naar. De American Giants konden in hun eerste seizoen een record van 128-6 voorleggen. Een landskampioenschap zat er echter niet in voor Foster en zijn manschappen, simpelweg omdat er voor zwarte honkballers geen nationale competitie bestond. Al in de jaren ’10 van de vorige eeuw begon Rube Foster te denken over een potentiële nationale competitie voor zwarte ploegen.

Rube Foster te midden van zijn Chicago American Giants.

RUBE FOSTER, DE BONDSVOORZITTER

In 1919 woedden er hevige rassenrellen in Chicago. Het was voor Foster nog maar eens het bewijs dat de positie van zwarte Amerikanen verbeterd moest worden. Een eigen honkbalcompetitie zou daarbij in zijn ogen kunnen helpen. Op 13 februari 1920 nodigde hij zeven andere zwarte clubeigenaren uit om met hem in het Paseo YMCA in Kansas City een mogelijke Negro National League te bespreken. Toen hij bij de afspraak aankwam, had hij de vereiste papieren al in zijn zak. Met minder dan een akkoord zou hij geen genoegen nemen.

Dat akkoord kwam er en in mei van datzelfde jaar zou al de eerste wedstrijd gespeeld worden. De competitie bestond uit acht ploegen: Chicago Giants, Cuban Stars, Dayton Marcos, Detroit Stars, Indianapolis ABCs, Kansas City Monarchs, St. Louis Giants en Fosters eigen Chicago American Giants. Niet iedereen was te spreken over Fosters dubbelrol. Hij zou er voor zorgen dat zijn ploeg meer thuiswedstrijden speelde dan de andere ploegen en veel van de beste spelers trokken naar zijn team. De American Giants schreven de eerste drie kampioenschappen op hun naam.

Andrew ‘Rube’ Foster (1879-1930)

VROEGE DOOD

Na drie jaar kwam er een einde aan de dominantie van de American Giants. De Kansas City Monarchs namen het stokje over. Het was een harde klap voor Foster. De stress werd hem teveel. In 1926 kreeg hij een zenuwinzinking en werd opgenomen in een inrichting. Een kleine vier jaar later overleed Rube Foster 51-jarige leeftijd. Zo’n drieduizend mensen namen enkele dagen later in Chicago afscheid van één van de belangrijkste pioniers van het Amerikaanse honkbal.

Zijn Negro National League overleefde zijn gedwongen vertrek en de depressie van de jaren ’20 niet. In 1931, een jaar na de dood van de initiatiefnemer, ging ook de door hem opgerichte competitie ter zielen, om enkele jaren later weer nieuw leven te worden ingeblazen. Tot het doorbreken van de colorline de competitie langzaamaan overbodig begon te maken, zou er tussen 1933 en ’61 elk jaar een zwarte competitie gespeeld worden.

51 jaar na zijn dood werd Foster opgenomen in de Hall of Fame.

Coverfoto: Rube Foster

Reageer op dit artikel

Je mailadres komt niet op de site te staan.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Ook leuk om te lezen